De Hollandse Herder buitengewoon gewoon

 

De Hollandse Herder langhaar is geen opvallende verschijning.

Geen weelderige vacht tot op de grond, waarmee hij na de wandeling ongemerkt allerlei takjes, blaadjes en kilo’s zand mee naar huis kan slepen. Geen vacht waar de baas wekelijks uren mee moet stoeien om alles een beetje klitvrij te houden en waardoor er te weinig tijd overblijft om er samen lekker op uit te trekken. Geen opvallende sneeuwwitte vacht die er op een plaatje flitsend uitziet, maar die na een boswandeling met hondenweer toch ietwat smoezelig wordt.

Geen schattige hangoren die bevattelijk zijn voor oorontstekingen. Geen grappige rimpels in kop of snuit, waardoor vaak problemen ontstaan met andere honden doordat die denken dat de rimpels in de snuit een agressieve stemming weergeven. Geen indrukwekkende kolos van meer dan 70 kilo (die het dier dan zijn hele leven mee moet slepen, waardoor hij helaas vaak al met een jaar of zeven komt te overlijden omdat het gestel de massa niet meer kan meetorsen).

Geen hond die het interieur van de woning van zijn gezin rigoureus verbouwd als deze hem minder dan 2 uur per dag intensieve beweging geeft. Geen hond die met blikkerende tanden het bezoek verwelkomt. Geen superalerte hond die onmiddellijk zeer heftig reageert op alles wat hij tegenkomt en die vergeet om situaties eerst in te schatten en wiens krachten door al die heftigheid vaak snel verspeelt zijn.

Als langhaar Hollander heb je een vacht van gemiddelde lengte. Genoeg voor een aantrekkelijk uiterlijk, maar niet zo lang dat het erg veel onderhoud vergt. Af en toe een borstel met wat meer aandacht voor de kraag (vooral bij de oren) en broek (= de vacht aan de achterbenen) is doorgaans voldoende. Tijdens de ruiperiode laat met name de ondervacht in plukken los. Dan is wat vaker en uitgebreider borstelen handig. Veel mensen verkijken zich op een langhaarvacht. Ze denken dat een kortharige vacht minder overlast geeft in de ruiperiode. Het tegendeel is waar. Bij een kortharige hond valt elk haartje afzonderlijk en dwarrelt vervolgens door het huis. Zo’n los haartje kan gemakkelijk in de kledingkast of tussen het serviesgoed belanden. Geen ramp zo’n enkel los haartje, maar helaas zitten er aan een middelgrote hond in de rui een heleboel losse haartjes. Zo op het eerste gezicht lijkt de vacht van de langhaar zwart met meer of minder bruine of grijze strepen. Schijn bedriegt. Eigenlijk is de Hollander bruin of grijs met zwarte strepen. Soms heeft hij zoveel strepen (stroming genoemd) dat het lijkt of hij bijna zwart is. De meeste langhaar hollanders zijn goudgestroomd. Af en toe zien we nog een zilvergestroomde Hollander.

 

Als Hollander weeg je gemiddeld tussen de 20 en 28 kilo. Een gewicht waarmee je als hond zijnde meestal zonder allerlei erfelijke aandoeningen aan het bewegingsapparaat (HD, ED etc) een respectabele leeftijd kunt bereiken (gemiddeld 12 jaar). Als Hollander ben je goed waaks, maar je gaat er van uit dat het vast gezellig wordt als de baas het bezoek binnen laat. Je waarschuwt keurig als er mensen de huisdeur naderen, maar je bent er niet op uit om iedereen die niet tot jouw gezin behoort te verscheuren. Als Hollander houdt je de omgeving goed in de gaten en pas je je acties aan de omstandigheden aan. Als het nodig is sta je probleemloos je mannetje.

 

Bijten doe je als Hollander pas in het uiterste geval. Wie door een Hollander gebeten wordt is doof, blind en dom, want een Hollander geeft uitgebreid alle hondse waarschuwingssignalen af voor hij tot actie komt.

Als Hollander hebt je een stabiel karakter, daardoor raak je niet snel gestresst als het eens wat drukker wordt of als je in situaties belandt die net even wat anders zijn dan je gewend bent. Als Hollander laat je je meestal vrij gemakkelijk opvoeden. Je gedijt het beste wanneer je consequent maar niet hardhandig wordt opgevoed. Aan je gehoor mankeert niets, dus het is beslist niet nodig om de hele dag tegen een Hollander te schreeuwen als je als baas iets van hem wil. Bazen die zo nodig moeten sleuren en trekken of die het niet kunnen laten om te pas en te onpas handtastelijk te worden kunnen beter niet aan een hollander beginnen. Van geweld krijg je geen slaafse Hollander integendeel, vaak weigert de Hollander dan gewoon alle verdere medewerking. Baas bekijk het maar is dan je devies.

Over het algemeen ben je als langhaar Hollander geen uitgesproken sporthond. Je vindt het prima op samen met de baas van alles te ondernemen, maar hondensport op topniveau is meestal niet aan jou besteed al bevestigen uitzonderingen natuurlijk de regel. Als Hollander houdt je je overigens het liefst bezig met activiteiten die voor jou een uitdaging bevatten. Altijd dezelfde rondjes naast de baas volgen, je kunt wel wat leukers verzinnen (en dat doe je dan dus ook). Activiteiten als je baas laten fietsen terwijl je zelf lekker kan hollen, behendigheid of speuren kunnen je meestal meer bekoren.

Eigenlijk is die langhaar Hollander toch wel een bijzonder leuke hond. Een sportieve kameraad en een prima gezinshond die over het algemeen goed bestand is tegen het leven in onze overvolle maatschappij Een hond met een fraai, maar niet overdreven uiterlijk, zodat je er als baas zijnde dagelijks van kunt genieten zonder veel intensief onderhoud.

De Hollander is meestal tot op hoge leeftijd gezond en actief. Ondanks het kleine aantal zijn allerlei gezondheidsproblemen en erfelijke afwijkingen de Hollander tot op heden bespaard gebleven.

De langharige Hollandse herder is een stukje nationaal erfgoed dat bewaard moet blijven.

Naast het dagelijks genieten van deze honden is ook het kunnen bijdragen aan het instandhouden van deze varieteit van ons nationale herdershondenras een blijvende drijfveer. Sinds vijftien jaar fokken wij daarom regelmatig een nestje langharige Hollandse herders. Daarbij ligt altijd de nadruk op het fokken van een gezonde hond met een prettig, stabiel karakter. Dat heel wat van onze honden meer dan uitstekende resultaten behalen op shows of trainingen is natuurlijk mooi meegenomen, maar geen doel op zich. Het merendeel van de tijd is een hond niet aanwezig in een tentoonstellingshal of trainingsveld, maar thuis. We streven er naar dat onze Hollanders hun aanwezigheid dáár dubbel en dwars waar maken. Daar is de Hollander wat hij volgens ons is: gewoon buitengewoon.